Omgevingsplannen

Omgevingsplannen - vervanging van de bestemmingsplannen

Omgevingsplannen lijken in veel opzichten op bestemmingsplannen, maar worden ontwikkeld met behulp van nieuwe normen en nieuwe software. Daarnaast zijn er nieuwe onderwerpen bijgekomen, zoals klimaatadaptatie en energietransitie. Het omgevingsplan wordt een gemeentelijk plan waarin alle regels voor de fysieke leefomgeving zijn opgenomen.



more-features-img-ler.png

Boek een online afspraak Bekijk de agenda



Inzetten van LER, de leefbaarheidseffectrapportage, in het kader van de omgevingswet



Nieuwe plannen en projecten welke in het omgevingsplan worden opgenomen worden voorgelegd aan de bewoners. Om de impact van een project op alle mogelijke milieu- en leefbarheidseffecten te toetsen kan de LER ingezet worden

Het grote voordeel van de LER is dat deze rapportage alle relevante informatie op een rij zet: het gebied, de plannen en de verandering van de leefbaarheid door nieuwe gebiedsontwikkelingen. De LER helpt zo bij het betrekken en informeren van de burger en maakt daarmee de communicatie rondom de ruimtelijke plannen zo transparant mogelijk. Dankzij de visuele manier van weergeven, kunnen gebruikers bovendien de informatie beter interpreteren en de effecten van de ontwikkeling makkelijker begrijpen.

Door deze effecten in een vroeg stadium van de ontwikkeling te presenteren, wordt de burger betrokken en kan zij meedenken. Ontstaat er wrijving, dan is het (vanwege het vroege stadium) nog relatief eenvoudig om samen tot een nieuwe oplossing te komen. En omdat de burger meedenkt over het probleem en de oplossing, genieten de daaruitvolgende nieuwe plannen meer draagvlak - en doorlopen zij soepeler de vervolgstappen in het ontwikkelproces.

De afgelopen jaren hebben we veel ervaring opgedaan met het op orde brengen van data. Bij het inrichten van de LER maar ook bij projecten die we in de 3D Cityplanner hebben ingevoerd. Hieronder staan een aantal relevante ervaringen van ons op een rij.

`

1: Data verzamelen

Bij gemeenten houden diverse afdelingen zich bezig met het verzamelen en bijhouden van data. Iedere afdeling is verantwoordelijk voor haar eigen datasets. Verkeer en vervoer, openbare ruimte, groenvoorziening, sociale zaken: al deze datasets moeten in toenemende mate beschikbaar zijn voor bewoners en andere belanghebbenden, maar de praktijk is weerbarstig. Datasets binnen een gemeente zijn vaak niet uniform opgesteld, en dus lastig vergelijkbaar.

2: Data toetsen

Vervolgens gaat het bij de LER om het toetsen van deze data aan normen. Gevonden data kan verouderd zijn, waardoor ze onvoldoende bruikbaar is om de situatie inzichtelijk te maken. Data is soms ook onnauwkeurig. Neem bijvoorbeeld gegevens van woningen, kantoren en scholen. Om het oppervlak van een vastgoedobject op te halen, kun je de BAG gebruiken. Maar een gebouw heeft soms meerdere functies: een apotheek is bijvoorbeeld onderdeel van een ziekenhuis.


3: Data vertrouwen

Een andere hobbel is de herkomst van de data. Bij participatietrajecten hebben we meegemaakt dat bewoners uitkomsten van bepaalde onderzoeken in twijfel trokken, bijvoorbeeld omdat de opdrachtgever daarvan de projectontwikkelaar zelf was. Die scepsis is niet verwonderlijk. Burgers worden nu eenmaal steeds mondiger, en eenvoudiger dan vroeger komen ze aan hun eigen informatie.


4: Data inzetten

Als je uiteindelijk voldoende overtuigd bent dat je data werkbaar is, kan er getoetst worden. Maar op veel terreinen zijn er geen harde normen. Zo is er een landelijke norm voor basisscholen: per kind moet acht vierkante meter beschikbaar zijn. Op basis van prognoses van het aantal gezinnen met kinderen kun je berekenen hoeveel extra ruimte er nodig is.





De Omgevingswet lost deze lastigheden niet van de ene op de andere dag op, maar een stap in de goede richting is het wel. Gemeenten moeten hun data up-to-date brengen, standaardiseren en beter toegankelijk maken. En gemeenten, projectontwikkelaars en bewoners zullen steeds meer moeten gaan samenwerken. De Omgevingswet stelt hun betrokkenheid bij projectbesluiten voor grotere projecten namelijk verplicht - en dat op basis van een (min of meer) gelijk speelveld.

Bewonersparticipatie – bijvoorbeeld bij een inbreiding – kan een lastig te managen proces zijn. Maar goed uitgevoerd (en met dank aan data) levert zij voor alle partijen een beter resultaat op. Voor de gemeente, die een gebied laat ontwikkelen waar mensen daadwerkelijk op zitten te wachten. Voor de projectontwikkelaar, die vanuit duidelijke doelstellingen kan werken. En voor de bewoners, die de toekomst van hun buurt kunnen helpen vormgeven.







Wilt u hier meer informatie over?Klik hier